Drie manieren om discipline te kweken

“Zie jij ze ook lopen buiten? Met strakke outfits en nieuwe sportschoenen?” Een vriend wijst ze aan vanuit de auto. “Verrek je hebt gelijk!” zeg ik. Langs de Weesperzijde rennen tientallen hardlopers. “Dat is altijd zo, in die eerste week na oud & nieuw. Maar ja, die maand erna hè?” schampert hij.

Dan zijn de meeste goede voornemens (marathons lopen, afvallen, boeken schrijven) alweer als sneeuw voor de zon verdwenen en zit je weer ongelukkig thuis voor de buis met de sportschoenen in de kast en de extra kilo’s op de bank.

Alsof Marli Huijer hierop wilde inspelen, publiceerde ze eind 2013 het boek Discipline, overleven in overvloed. In het boek gaat de filosofe in op allerlei aspecten van discipline. Wat is het? En in hoeverre hebben we het nodig om ons te kunnen handhaven in deze tijd van -ondanks de crisis-ongekende overvloed? En maakt discipline gelukkig?

Ze schrijft dat er verschillende betekenissen van discipline zijn. Voor nu is het meest relevant dat het kan duiden op werken aan je zelf of zelfbeheersing. Haar stelling is dat dit in deze tijd van materiële overvloed hard nodig is. Ga je wel sporten als je ook Candy Crush kunt spelen of online kunt shoppen?

Een interessante vorm van overvloed is ook het fenomeen tijd. Huijer haalt de Duitse socioloog Hartmut Rosa aan die over onze huidige samenleving zegt: “We hebben geen tijd, hoewel we haar in overvloed winnen.” Door de moderne techniek kunnen we dingen tegenwoordig zo snel, dat we juist tijd zouden moeten hebben voor de dingen die we ons voor het nieuwe jaar hebben voorgenomen.

Maar niets is minder waar. We raken massaal verslaafd aan de snelle (a)sociale media. Hierdoor verliezen we weer meer tijd. Iedereen checkt bijvoorbeeld 30x per dag zijn email, of stuurt honderden berichtjes terwijl vroeger de postbode 1x op een dag kwam.

Huijer: “Discipline is daarom meer dan ooit nodig.” Maar hoe dan? Zelf ben ik ook met menig project begonnen dat later strandde in een gebrek aan volhouden.

Het boek geeft drie manieren om discipline te kweken:

1. Door herhaling en oefening. Je moet hetgeen je wil doen gaan doen en dan blijven oefenen en herhalen. “In de oefening worden handelingen of activiteiten langdurig tot vervelens toe herhaald en getraind, waardoor deze worden verbeterd, of tenminste op hetzelfde peil blijven.”
Voor een trainer klinkt dit als muziek in de oren, maar hoe houd je dat dan vol?

2. Door discipline uit te besteden aan de techniek. Sommige mensen zullen zelf nooit leren om gedisciplineerd te leven of dingen telkens maar te oefenen. Verleidingen liggen constant op de loer. Schakel daarom de techniek in. Huijer geeft het voorbeeld van de schrijfster Zadie Smith, die voor haar smartphone regelmatig de app self control aanzet, zodat ze tijdens schrijfuurtjes het internet niet op kan en wel moet doorschrijven.

3. Door discipline uitbesteden aan mensen. Als je met een project begint, kun je iemand (een vriend, collega) inschakelen die jou er op aanspreekt of je iets ook daadwerkelijk hebt gedaan. Daarvoor kun je natuurlijk ook een coach of een trainer inhuren. Heel effectief is om iets samen te doen. De sociale druk vergroot de kans dat je zult slagen!

Door discipline te betrachten kun je goede voornemens halen of volgens Huijer zelfs levensdoelen bereiken. Het is het toverwoord om iets gelukkiger te worden, omdat uiteindelijk niets meer voldoening geeft dan iets volhouden, afmaken of een grens verleggen! Zelf zou ik graag meer discipline willen in 2014. Helaas ben ik (we tellen 9 januari) al bezweken voor 8 afleveringen The Killing en 5 zakken chips, maar het jaar is gelukkig nog lang. Veel succes!

Wat roept Rutte daar op de WC? Lessen van Lyndon.

Zie je het voor je? Mark Rutte die al poepend in het torentje orders schreeuwt naar zijn ondergeschikten? Waarschijnlijk niet, maar wacht even. Zoals altijd benieuwd naar waar mensen aan de top hun inspiratie vandaan halen, kocht ik één van de favoriete boeken van onze premier: the Years of Lyndon Johnson van Robert Caro.

Ik stond perplex. Niet alleen om het prachtige proza waarmee Caro het leven van de 36-ste president van de Verenigde Staten schetst, maar ook om de persoonlijkheid van Johnson. Die bleek in het eerste deel van zijn leven weinig presidentieel. Hij was vooral een opschepper, een dominante aandachtstrekker en een windvaan. Karaktertrekken die in zijn latere leven niet zouden verdwijnen.

Ook had hij een groot (geheim) doel: President van Amerika worden. En op dit vlak
–doelen bereiken- kun je veel van Johnson leren. Een kleine greep uit de lessen van Lyndon.

1. Heb een ongeëvenaarde werklust en laat niets over aan het toeval.
Johnson werkte week in, week uit 18 uur per dag. In campagnetijd werkte hij liefst nog wat meer. Bij elke stemmer in zijn district ging hij bijvoorbeeld persoonlijk langs. Zo wist hij precies hoe elk idee, waar zou vallen. Hoever hij hier mee ging bleek na zijn eerste succesvolle campagne voor het Huis van Afgevaardigden. Johnson moest weken in het ziekenhuis verblijven met uitputtingsverschijnselen en een verwaarloosde blindedarmontsteking.

2. Lik naar boven, schop naar onder.
Zijn hele leven lang, probeerde Johnson in de smaak te vallen bij oudere en machtigere mensen. Caro noemt hem de “Prins van het vleien”. Zo was hij het niet eens met de ideeën van President Roosevelt maar die indruk gaf hij hem absoluut niet. Johnson noemde zichzelf de belangrijkste vaandeldrager van de President en groeide zo uit tot zijn lieveling. De President beschermde later meermaals de carrière van Johnson. Zijn eigen werknemers koos Johnson zorgvuldig uit op een nu vreemd klinkende competentie: slaafsheid. Een tekenend voorbeeld is dat hij hen 18 uur per dag commando’s gaf (Hij kon goed delegeren). Zelf als Johnson op het toilet zat, moest de werknemer mee om te luisteren naar zijn vernederende gebrul vanaf de pot.

3. Wees meedogenloos en hypocriet.
Als Johnson met veel moeite machtige vrienden had gemaakt, vond hij het geen probleem om hen later keihard te laten vallen. Elke zondagochtend kwam de voorzitter van het Huis van Afgevaardigden, Sam Rayburn, bij de Johnson’s ontbijten. “Het lijkt wel of Johnson mijn zoon is,” zei Rayburn (zie ook punt 2). Tot er een genadeloze strijd om de macht was in het Witte Huis en Johnson in het geniep partij koos tegen “vader” Rayburn en vóór de machtigere President Roosevelt. Rayburn kwam er toch achter en zijn liefde voor Johnson bekoelde dramatisch.

Eens zien wat Mark Rutte allemaal van Johnson geleerd heeft. Ook hij werkt keihard. Vicepremier Asscher liet laatst weten dat hij zwaar onder de indruk was van de werklust en drive van Rutte. Maar waar Johnson niets aan het toeval overliet, belandde Rutte in de herfst in het debacle rond de inkomensafhankelijke zorgpremie.

Windvaan? Om premier te worden en blijven sloot Rutte alleen nog geen akkoorden met de SP en de Partij van de Dieren. Prins van het vleien? Oppositieleiders lieten weten dat Rutte hen behoorlijk weet te verleiden als hij hen nodig heeft, met dinertjes, telefoontjes en spontane bezoekjes (lente en woonakkoord?), om daarna weer onbereikbaar en onzichtbaar voor hen te worden. Meedogenloos? Vraag het zijn ex-partner Wilders, die hij na het Catshuisfiasco toebeet dat hij hem tot de laatste zetel zou uitroeien.

Rutte staat bovendien bekend als driftig. En opeens kun je je bijna voorstellen dat hij vanaf het toilet van het torentje orders schreeuwt tegen de secretaris-generaal van Algemene Zaken. Bijna dan. Want zo bont maakte waarschijnlijk alleen Lyndon Johnson het. Of herken jij dit misschien van jouw baas?